De toekomst van werk en zorg – in de stad moet je zijn?

by

C0002203Vebego Vitaliseert Werk en Zorg, dat is onze nieuwe missie. Deze heeft de blik op 2025. Een koers voor de lange termijn dus.
Waarop moet je dan letten. Een heel interessant perspectief is te kijken naar de onstuimige ontwikkeling van steden als plek waar het werk en zorg grotendeels plaatsvindt. Wat sinds 2006 leven meer mensen in steden dan op het platteland en rond 2025 zal dit aandeel richting de 60% gaan. Dat zorgt voor een toename van de groei van vooral ook dienstverlening. In de zorg maar ook op tal van soorten werkplekken.

Belangrijk voor ons, want in ons soort banen werk je gemiddeld binnen een straal van 20 kilometer. En omdat onze mensen vaak meerdere werkadressen hebben, is de stad een aantrekkelijk gebied – transferkosten zijn laag. Steden lijken daarmee een interessante groeimarkt. Gebouwen en werkplekken worden steeds smarter en flexibeler gebruikt, waardoor met name facilitaire dienstverleners het huidige maakmodel moeten aanpassen. De omkering van aanbod gericht naar vraaggericht is definitief. Niet het schoonmaakprogramma bepaalt, maar data en informatie over de aanwezigheid en tevredenheid van eindgebruikers. De dienstverlener die dit het beste kan, maakt met de schaalgrootte van de stad enorme slagen. Immers met de dichtheid binnen het werkgebied van de stad kun je dat alle kanten uit.

Maar zelfs al maak je als organisatie deze slag, dan moet je nog wel serieus rekening houden met de ongemakken van de stad. Deze kwamen vorige week uitgebreid aan bod in Oxford in het “Future of Cities Debate”. Want de groei van de steden maakt dat sociale ongelijkheid groeit. Betaalbaar wonen voor mensen met een klein inkomen binnen een straal van 20 kilometer is niet meer mogelijk. Er ontstaat steeds meer een informele ‘grijze’ economie. Dat is een mooi woord voor illegale constructies voor lonen en wonen. We merken dat de grenzen steeds meer worden opgezocht.

En dat is zuur voor een groep mensen die de afgelopen jaren gestaag gegroeid is in kunnen. Het leren van een taal, omgaan met nieuwe technologie. Vaak niet eens met behulp van werkgever of overheid. Gewoon omdat het nodig was om te overleven. Laat staan de aanstormende beter opgeleide generatie die in het groeiende veld van ongelijkheid hun woon en werkomgeving moeten vinden.

Welke rol hebben werkgevers, opdrachtgevers en overheid in de ontwikkeling van de stad met haar ongemakken? In Oxford ging het pleidooi voor ‘new morality’. Daarbij gaat het over een herwaardering van taken (lees ook whitepaper verdienmodel zonder geld). Ook vrijwilligerswerk of laag betaald werk. Dat waardeer je met toegang tot bijvoorbeeld betaalbaar wonen. Dat kan vanuit de overheid, maar in het verleden zagen werkgevers hier ook de voordelen of noodzaak van. Denk bijvoorbeeld aan Bata en Philips die woningen voor hun werknemers bouwden.

Maar de kans is ook reëel dat wijzelf als burger het heft in handen nemen. In steden ontstaan vrijplaatsen waar mensen het zelf onderling regelen. Soms uit ‘te weinig’, denk aan de slums in India. Soms uit ‘te veel’, kijk naar de deeleconomie in de Westerse Wereld. In deze vrijplaatsen doen overheid, opdrachtgevers en overheid niet meer mee…

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s


%d bloggers like this: